Laat je bemoedigen door het Psalmenboek

A A A

De Psalmen bevatten niet zomaar de meest populaire liederen uit de geschiedenis van Israël. Het is geen ‘grootste hits van David en de zonen van Korach.’ Het Psalmenboek als geheel is, zoals Maarten Luther schrijft, ‘de Bijbel in miniatuur’. Het boek is zo vormgegeven dat het Gods hele heilsplan vertelt. Met als centrum: de hoop op de komende Messiaanse Koning! Blader de Psalmen maar eens door. Je zult twee openingspsalmen vinden die de thema’s van het boek aanreiken (1-2). Na psalm 41, 72, 89 en 106 zul je een overgang vinden met ‘geloofd zij de HEERE, Amen.’ In 72:20 vind je de opmerking ‘hier eindigen de gebeden van David.’ En zo hebben we een vijfdelig boek van David in handen. Net als het vijfvoudige boek van Mozes. En als je er helemaal doorheen gebeden hebt, loopt het uit op een lofprijzing die zijn weerga niet kent in 146-150.1 Opvallend is dat je zowel in de opening als rond de boekovergangen prachtige Psalmen over de Messias vindt (2, 45, 72, 89, 110). Duidelijk wordt dat wat gezegd wordt over het geluk van de rechtvaardige in Psalm 1 en over de regering van de Zoon uit Psalm 2 op gespannen voet staan met het lijden, de onderdrukking en de doodse ellende van Davids en Israëls geschiedenis (42-44, 73, 89-90). Israëls geschiedenis die een miniatuur is van de geschiedenis van de mensheid samen en de geschiedenis van ieder mens persoonlijk. Maar gelukkig is het een hoopvolle spanning! Laten we deze hoopvolle spanning eens volgen door de stipjes van Psalm 72, 89, 90 en 103 te verbinden.

Psalm 72: De Messias waar we in vertrouwen naar verlangen
We vallen midden in een profetisch gebed voor Salomo, te vinden aan het eind van de eerste twee boeken vol met Psalmen van David. Al Gods beloften aan David en Israël worden uitgebeden. Verlangend roepen we met David uit: ‘O God’ (72:1). Als God Zijn messiaanse beloften vervult regeert een Koning die rechtvaardig en bewogen is (2-4, 12-14). Is dat niet wat we nodig hebben? Eerlijke politiek (72:2). Een regering die leidt tot positieve klimaatverandering, land wat bloeit als de hof bij Eden (72:3)! Een regering die kwetsbaren beschermt (72:4). Wat te denken van tot slaaf gemaakte kinderen, ongeboren leven, ongewenste vluchtelingen, uitgerangeerde ouderen. Een Koning die de ultieme onderdrukker verbrijzelt (72:4). Iemand Die afrekent met die misleidende slang, zoals beloofd in Genesis 3:15. Alle volken zullen Hem dienen (72:11, zie ook Gen. 27:29; Jes. 49:7; Dan. 7:27). Iemand die echt geeft om de zwakken, een echte oplossing biedt voor problemen. Weet u een oplossing voor het feit dat meer dan het inwoneraantal van Europa en de VS bij elkaar niet genoeg te eten heeft? Iemand die niet uit is op eigen gewin (72:12-14). Is dat niet waar we ten diepste allemaal naar verlangen? Naar zo’n leider! Voor ons is dit niet slechts een verlangen, maar een belofte. En dan niet voor even en maar op een enkele plek. Nee! Zolang de zon en de maan er zijn, van generatie op generatie (72:5). Er zal grote vrede zijn. Alles wat kapot is wordt hersteld en de rechtvaardige zal bloeien (72:7). Hij zal heersen van zee tot zee (72:8; zie ook Gen. 15:18; Zach. 9:10). Die oude slang en alle leiders die tegen Gods plannen ingaan uit Psalm 2 zullen het stof oplikken (72:9). Het is dan buigen of breken. Grote voorspoed zal er zijn en de schepping zal bloeien als de hof van Eden (72:16). Niet voor even, maar voor eeuwig. Tot zegen van alle volken, zoals God aan Abraham al beloofd had (72:17, zie ook Gen. 22:17-18, Gal. 3:8, 14-19): ‘in uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden!’ Geloof je echt dat het zal gebeuren? Maar als het niet vanwege Gods beloften was, is dit dan niet een sprookje? Komt er echt een tijd dat er nooit meer een nieuwe dictator opstaat die over de rug van anderen machtsbelust zijn rijk uitbreidt? Of is dat een wens waarvan iedereen weet dat het toch nooit zal gebeuren? Of waar we tegen beter weten in toch maar aan blijven vasthouden? Dankzij Gods beloften mogen wij vertrouwend verlangen en verlangend vertrouwen dat de aarde er eens zo uit zal zien!

Psalm 89: De verwarrende realiteit waar we vaak in hangen
Toch is de realiteit weerbarstig. Ons vertrouwen wordt getest. De Psalmen 73-89 (Boek 3) geven woorden aan de verwarring. Psalmen vol vragen. In tijden dat bestaande structuren wegvallen. Geboren uit een tijd waarin de willekeur regeert. Er klinkt geroep vanuit situaties waarin onrecht hoogtij viert. Gods huis wordt aangevallen en verwoest. De troon van de beloofde Koning lijkt leeg. De realiteit is precies het spiegelbeeld van waar we met Psalm 72 zo naar uitzien. En alle vragen die in ons opkomen mogen we met deze psalmen eerlijk uitschreeuwen tot God. Christen-zijn blijkt geen half verdoofde toestand waarin het lijden in deze wereld geen vat op ons heeft. Laten we met de Psalmen eerlijk de confrontatie aangaan met het leven op de puinhopen van een aardbol vol rokende bossen, zeeën van plastic, reclame voor losbandigheid, onrustig voortjagen, ongewenst leven en steden die bulken van miljonairs terwijl anderen als menselijk afval gedumpt worden in tentenkampen.
Reis maar mee met de sneltrein van het waarom en hoelang in Psalm 73-89. Psalm 73: Waarom bloeien onrechtvaardigen zo zorgeloos? Psalm 74: Waarom en hoelang wordt Gods woonplek afgebroken en Gods reputatie besmeurd? Psalm 79: Hoelang en waarom moet ik telkens horen van ‘waar is jullie God?’ ‘Jouw God, ik zie er weinig van dat die bestaat’ en ‘ben jij dat sinterklaasgeloof nog niet ontgroeit?’ Psalm 80: Hoelang en waarom worden die gebeden maar niet verhoord? Een God die de kerk lijkt af te breken in plaats van opbouwt. Psalm 82: Hoelang blijven onrechtvaardige overheden en wereldleiders voortbestaan? God zou daar toch mee afrekenen? Of zijn we nu eenmaal gewend dat alles gaat zoals het gaat. ‘Het is niet anders.’ ‘Maak je niet te druk, het ligt toch buiten je invloedssfeer.’ ‘Laat het je niet raken.’ Raakt het ons nog, of voelen we ons als een vis in het water? De Psalmdichters maken zich wel druk tot de depressiviteit van Psalm 88 aan toe. Een en al doffe ellende. Gods beloften zo groots en mooi. Maar de realiteit is gitzwart.
De ellende is zo groot, dat Gods beloften wel niet waar lijken te zijn. Elke regel van Psalm 89:39-46 haalt een daad van God aan die precies het tegenovergesteld is van wat God eerder in de Psalm belooft.2 Mag deze kant van het leven er ook zijn? Uiteindelijk is daar dan de diepe confrontatie. Die met onze sterfelijkheid. ‘Bedenk hoe kort mijn levensduur is.’ (89:48). Het zinloze sterven, waar niemand aan ontkomt. De verspilling van mensenlevens. ‘Welke man leeft er die de dood niet zien zal?’ (89:49). De wurggreep van het graf! En daarom weer het hoelang! Waar is God in dit alles?’ Zult U zich voor altijd verbergen?’ Een diepe crisis. Waarbij Gods karakter in het geding is. Beloofde goedheid lijkt een verdwenen realiteit. Zal de dood het dan toch van het leven winnen? Heeft God de mensheid voor niets geschapen (89:48)? Hier komen we bij de diepe vragen over leven en dood. Durven wij de grote problemen van deze wereld en van onze sterfelijkheid en de dood eerlijk in ogen te kijken? Durven we de verwarring die dat oproept uit te spreken naar God en elkaar?

Psalm 90: Verantwoording nemen in verwarring
Op dezelfde lage toon gaat Psalm 90 verder. De sterveling keert inderdaad terug tot het stof (90:3). De vloek van Gen 3:19. Het leven is inderdaad als gras wat verdort in de hitte van de dag (90:5-6). Onze jaren zijn inderdaad slechts een gedachte. We zullen na onze 80ste niet lang meer leven en ons leven is vol moeite (90:9-10). Maar door uit te zoomen corrigeert de Psalm onze verwarring ook.
Allereerst is God de Schepper van eeuwigheid tot eeuwigheid. Zijn tijdsperspectief is veel grootser dan de vlugge vervulling van Zijn belofte die Psalm 89 en wij vaak wensen. God kiest totaal niet voor wat wij ‘efficiënte methoden’ vinden. Duizend jaren zijn voor Hem de dag van gisteren (90:4). Wat er in het jaar 1021 gebeurde is voor hem als gisteravond. De schepping was voor Hem vorige week. Ook moeten we goed beseffen waar de verantwoordelijkheid voor de chaos ligt. Het probleem is niet zozeer Gods ontrouw. Nee, maar onze ongerechtigheden die leiden tot Gods rechtvaardige toorn (90:7-11). Psalm 90 is een gebed van Mozes. Dat doet ons terugdenken aan het gouden kalf en Mozes’ voorbede in Exodus 33-34. We dienen een God Die de schuldige geenszins voor onschuldig houdt! Daar ligt de diepere oorzaak. Wij vergaan door Gods toorn, Gods grimmigheid, Gods verbolgenheid. Ook Davids zonen ontkomen daar niet aan (89:31-33). Totale verwarring en wanhoop uiten? Ja. Maar ook verantwoordelijkheid nemen en schuld erkennen. Zonde blijkt zeer actueel.
Dat ontdekte ook de voormalige klimaatactivist Paul Kingsnorth.3 Ooit stond hij in de top 10 onruststokkers van Engeland. Hij groeide op in atheïstisch Engeland. Na vele omzwervingen in boeddhistische zen meditaties en actief zijn in zwarte magie werd hij gehaald door Christus. Toen landde de waarheid dat de ‘mensheid in opstand is tegen God.’ Dat bood de enige logische verklaring voor hoe het er in de wereld aan toe gaat. De mensheid die de machine van controle, eigen wil en opstand verkiest boven opoffering, overgave en zelfverloochening.
‘Toen ik opgroeide geloofde ik wat alle moderne mensen geleerd wordt: dat vrijheid bestaat uit niet beperkt worden. De orthodoxie leerde mij dat deze vrijheid helemaal geen vrijheid was, maar slaaf zijn van eigen verlangens. Dat was precies hoe je de eerste 30 jaar van mijn leven zou kunnen beschrijven. Ware vrijheid blijkt te bestaan uit je eigen wil opgeven en Gods wil volgen. Als we om ons heen kijken wat de gevolgen zijn van het eten van de verboden vrucht, het kiezen voor macht boven nederigheid, scheiding boven gemeenschap. De gevolgen worden duidelijker en duidelijker. Overgave of opstand, offer of controle, sterven aan jezelf of de overwinning van de wil, het is een keuze tussen het kruis of de machine.’4
Een ‘mensheid in opstand tegen God.’ Dat is ons diepste probleem! Maar die opstand heeft niet het laatste woord. De duisternis heeft niet het laatste woord. Want als Mozes’ gebed om vergeving in Exodus 33-34 verhoord werd, zal dan zijn ‘hoelang’ in Psalm 90:13 ook niet verhoord worden? Zal God ons niet verzadigen met goedertierenheid, zodat we mogen juichen en verblijd zijn, tijdens al onze dagen (90:14)?

Psalm 103: Verzadigd worden door Gods goedertierenheid
Als antwoord barst in Psalm 93-100 het gezang los: de HEERE regeert! De HEERE regeert! De HEERE regeert. Zelfs in de donkerste tijden mag dat ons houvast zijn. Achterkamerpolitiek en machtsbeluste wereldheersers, schuivende normen en waarden, rokende bossen en plastic zeeën, razende pandemieën en op controle beluste instanties, polarisatie en onrecht, verwarring en wanhoop. De HEERE regeert! De Koning der Koningen. De God der Goden. De Heere van heel de aarde, de Allerhoogste. Maar ook HIJ KOMT! HIJ KOMT om recht uit te oefenen (96:13, 98:9). Psalm 102:14 spreekt over Gods opstaan om zich te ontfermen, en over de komst van de vastgestelde tijd, de tijd om genadig te zijn (102:14).
Van dat hervonden vertrouwen en die vreugde klinkt het in Psalm 103-106. Loof de HEERE, mijn ziel! Halleluja. In Psalm 103 vinden we het antwoord op Psalm 90. Bad Mozes niet om verzadiging met Gods goedertierenheid? Ja, zeggen we met 103:3-5: De HEERE vergeeft ongerechtigheid, geneest ziekten, verlost het leven van het verderf, kroont met goedertierenheid en barmhartigheid, verzadigt met het goede! Hij is barmhartig en genadig, langzaam met Zijn toorn en rijk aan goedertierenheid (103:8, denk aan Exodus 34)! Wij dienen een onevenwichtige God die de voorkeur geeft aan goedheid en vergeving boven vergelding. Hoor maar. Werd in Psalm 90 ons onrecht voor ogen gesteld? Psalm 103:9-11 vertelt ons dat Hij Zijn toorn niet voor eeuwig handhaaft. Hij doet niet met ons naar onze zonden. Hij vergeldt ons niet naar ons onrecht. Want zo hoog de hemel is boven de aarde, zo is Zijn goedertierenheid machtig over wie Hem vrezen! Werden we in Psalm 90:3 geconfronteerd met de vloek van het terugkeren tot stof? Psalm 103:13-14 antwoordt: God weet dat Hij ons uit het stof gemaakt heeft, Hij kent onze kwetsbaarheid, maar Hij is zoals een Vader die zich ontfermt over zijn kinderen! Werden we in Psalm 90:4-6 geconfronteerd met onze sterfelijkheid, de broosheid van het leven, als gras dat vergaat? Ja, zegt 103:15-18, het is zo, de dagen van de sterveling zijn als het gras, maar de goedertierenheid van de HEERE is van eeuwigheid en tot eeuwigheid over wie Hem vrezen! De HEERE heeft Zijn troon in de hemel gevestigd, Zijn Koninkrijk heerst over alles! Hoe heilzaam en bemoedigend zulke lijnen te mogen trekken tussen de Psalmen. Verlangen, vertrouwen, verwarring, verantwoording nemen zullen ons vergezellen op reis. Maar we zullen reizend de bestemming bereiken. Volkomen verzadigd van Gods goedertierenheid.

Eindnoten

  1. Zie voor meer informatie Gordon Wenham, The Psalms Reclaimed: Praying and Praising with the Psalms (Wheaton: Crossway, 2013), 57-80.
  2. Vergelijk bijvoorbeeld vers 39 en 21; 40 en 24,29, 35; 41-42 en 28; 42 en 23, 26; 44 en 23-24; 45-46 en 30, 37.
  3. https://www.trouw.nl/religie-filosofie/schrijver-paul-kingsnorth-vond-het-christendom-een-verrotte-religie-en-toen-werd-hij-gehaald-door-christus~bc72af59/
  4. https://www.firstthings.com/article/2021/06/the-cross-and-the-machine