Intimiteit met God door nederigheid

A A A

Enkele jaren geleden startte ik met een Bijbelstudie voor singles. Ik gaf de deelnemers een lijst met onderwerpen en vroeg hen wat ze het meeste nodig hadden. De uitkomst was een prettige verrassing. Er werd voorbij gegaan aan de ‘praktische’ behoeften en meer dan 80% verlangde naar meer intimiteit met Jezus. Dit komt overeen met wat ik in mijn jarenlange bediening steeds weer ben tegengekomen.
De meeste mensen verlangen naar een diepere relatie met God. De geestelijke principes en discipelschap zouden moeten leiden naar een hechtere verbondenheid met Jezus, maar dat gaat niet vanzelf. Bijbelkennis zou onze relatie met God moeten verrijken, maar dat is niet eenvoudig. Aanbidding en getuigenis zijn heel belangrijk, maar brengen ons, op zichzelf genomen, niet naar een diepere omgang met Christus. Hoewel we deze dingen doen om dichter bij God te komen, zal intimiteit niet komen zonder die ene belangrijke eigenschap: nederigheid.

De cruciale eigenschap
God vestigde mijn aandacht op deze eigenschap door een ingrijpende gebeurtenis. In oktober 1993 liet God me de woorden zien van Jesaja 66:2: “Maar Ik zal zien op deze, op de ellendige en verslagene van geest, en wie voor Mijn woord beeft.” Ik wilde een diepere relatie met God. Ik kreeg de indruk dat dit vers daarmee te maken had, maar ik zag het verband niet. Ik bad: ”Heer, laat dit vers werkelijkheid worden in mijn leven.”
Vijf dagen later reden mijn vrouw en ik van Canon Beach naar de kust van Oregon. Ik dacht na over 1 Korinthe 13 en er was één vers dat er voor mij uitsprong: “Nu ken ik ten dele, maar dan zal ik kennen, zoals ik zelf gekend ben.” (13:12) Intuïtief voelde ik aan dat God geestelijke duisternis in mij zag, waar ikzelf blind voor was. Ik besefte dat God, ondanks deze geestelijke kanker, van me hield en dat Hij mij op een dag mijzelf zou laten zien zoals Hij me ziet. Ik bad opnieuw: ”Heere, open alstublieft mijn ogen voor dit kwade.”
Al rijdend vroeg ik me af of er een verband zou zijn tussen Jesaja 66:2 en 1 Kor. 13:12. Ik bad voor de derde keer: “God, laat me het verband zien tussen deze twee verzen.”
Een paar minuten later begon mijn vrouw te praten over een film die ze erg leuk vond. Geïrriteerd omdat ze mijn gedachtegang onderbrak met een onbenullig gespreksonderwerp, kleineerde ik haar. Onmiddellijk boorden drie levens veranderende woorden als messen in mijn gedachten. Onhoorbaar, maar zo onverwacht dat ik opveerde achter het stuur. “DAT IS HET!”
“Wat was dat?” dacht ik.
En daarna, toen ik ontdekte dat God mijn gebed had verhoord, vroeg ik: “Wat is HET?”

Intiem omgaan met God
Een overweldigend besef van het moreel lelijke “HET” – mijn arrogantie en trots – spoelde over me heen. Het was de eerste keer dat ik deze zonde zag in het licht van God. Maar ik voelde ook dat God, ook al had Hij een zeer diepe afkeer van deze zonde, al 45 jaar van me hield. In dit korte moment liet Hij mij mezelf kennen, zoals Hij me kent. Het was tegelijk heel pijnlijk en heel fantastisch. Ik zag mijn trots zoals God die zag. Ik huilde om mijn zonde. Ik huilde om Gods onbeschrijfelijke liefde. Deze drie woorden “DAT IS HET!” veranderden mijn leven ingrijpend.
Toen ik weer thuis was ben ik Jesaja 66:2 dieper gaan bestuderen. Hier is het resultaat. Kort samengevat komt het hier op neer: het onmisbare element voor een intieme relatie met God is nederigheid. Je kan getuigen, dienen of je Bijbel bestuderen, maar als je niet groeit in deze eigenschap, zal God tegen je zijn, want de Bijbel zegt het herhaaldelijk “God keert zich tegen de hoogmoedigen, maar aan de nederigen geeft hij genade” (Jak. 4:6). God keert zich tegen ons door zich te verbergen. Hij ziet om naar de nederige (Ps. 138:6) Hij geeft genade door ons in een diepere relatie met Hem te brengen. Hijzelf vernedert ons (Dan. 4:37). Nederigheid is het allerbelangrijkste in het leven van een christen. Zonder nederigheid kun je niet liefhebben, niet gehoorzamen. “Dit (nederigheid) is een groot en essentieel deel van ware godsdienst” schreef Jonathan Edwards. “Het hele kader van het Evangelie, alles wat verband houdt met het nieuwe verbond en Gods bevrijding van de gevallen mens, is er op gericht om dit te verkrijgen.”1
Nederigheid betekent niet dat je jezelf haat of gebrek aan zelfvertrouwen hebt. Nederigheid stelt je in staat jezelf en deze wereld te zien door Gods ogen. Een nederig mens ziet zichzelf meer en meer zoals hij in werkelijkheid is: “ellendig, beklagenswaardig, arm, blind en naakt” (Openb. 3:17). Ironisch genoeg legt juist deze nederigheid een vast fundament voor echte tevredenheid, vertrouwen en werkelijke zelfkennis. Daar staat tegenover dat hoogmoed geestelijke blindheid is. En we zijn vooral blind voor hoogmoed. Hoogmoed is demonisch en zorgt er voor dat je nooit kan winnen omdat we voortdurend achter onze eigen staart jagen. Ik kon mijn hoogmoed niet zien omdat ik er zo vol van was. Hoogmoed is een geestelijke bedekking die ons blind maakt voor de waarheid over onszelf. C.S. Lewis schreef: “Er is geen tekortkoming in onszelf waar we ons meer onbewust van zijn… Als je denkt dat je niet verwaand bent, toont dat aan dat je wel degelijk verwaand bent.”2 Dit is de grote paradox: een trots man denkt dat hij nederig is; een nederig man denkt dat hij trots is.

Wat hoogmoed en nederigheid bewerken
In Jesaja 62:2 staat: “Maar Ik zal zien op deze, op de ellendige en verslagene van geest, en wie voor Mijn woord beeft.” Hier is een belangrijke opbouw. Nederigheid ontwikkelt zich altijd tot iets dat mooier is. Het is de wortel van alle andere deugden. In dit vers leidt nederigheid tot echt berouw, dat leidt tot het beven voor Gods Woord. We worden gevoeliger voor Gods Woord, meer gemotiveerd en meer toegerust om te luisteren. Nederigheid leidde Paulus ertoe om te werken aan zijn eigen zaligheid “met vrees en beven” (Fil. 2:12). Davids nederigheid bracht hem tot “verheugen met huiver” (Ps. 2:12). Nederigheid vermeerdert onze liefde voor Gods Woord. Voor Gods Woord beven we met vreugde, met een levend geloof, met verlangen om te gehoorzamen, op zoek naar Gods aanmoediging en correctie. Trots, aan de andere kant, ontwikkelt zich tot iets verschrikkelijks. Het is de wortel van elke ondeugd. In plaats van berouw leidt trots ons naar zelfrechtvaardiging. In plaats van het beven voor Gods Woord, brengt trots mensen ertoe om Gods Woord te verachten.3 Dit gebeurt zelfs bij Christenen die het goed voorhebben.

Nathan confronteerde David met zijn zonde met Bathseba. Het was de zonde van het “verachten van het woord van de HEERE” (2 Sam. 12:9). David werd trots. Hij voelde zich verheven boven Gods wet en oordeel. “Ik kan overspel plegen en er mee weg komen. Ik ben de man naar Gods hart”, moet hij gedacht hebben. Zij die moedwillig ongehoorzaam zijn, nemen God niet serieus. Ze verachten God en Zijn Woord. Ze staan boven Zijn beoordeling. Totaal anders dan de man die beeft voor Gods Woord.
Waarom is nederigheid de sleutel tot intimiteit met God? Omdat nederigheid ons doet beven voor het Woord van God. Nederigheid brengt ons in een diepe gemeenschap met God. Nederigheid maakt ons gevoeliger voor de stem van God. Nederigheid opent onze oren voor Zijn instructies. Nederigheid verdiept onze dankbaarheid en het zorgt ervoor dat we afhankelijker van God worden. We zien dat we God nodig hebben. Daarom zegt de Bijbel dat God de nederigen hoogacht (Jes. 66:2). Hij woont bij de “verbrijzelde en nederige” (Jes. 57:15). Hij zegent de armen van geest (Mat. 5:3). Hij geeft genade aan de nederige (Jak. 4:6). Hij leidt de nederige en onderwijst hem Zijn wegen (Ps. 25:9).

Toepassing
Deze waarheid heeft verregaande gevolgen voor onze persoonlijke geestelijke groei. Ik noem er vijf.

Trots beïnvloedt onze houding tegenover het Woord van God. Kent u iemand die beeft voor Gods Woord?4 Kent u iemand die zelfs maar overweegt voor het Woord van Gods te sidderen? Kent u iemand die dit ‘beven’ een deugd zou noemen? Een noodzaak? Beven is een absolute noodzaak voor effectieve Bijbelstudie. Dat je Gods Woord soms saai vindt, is normaal, maar als het een levenspatroon is, zou het wel eens diepgewortelde trots kunnen zijn die zich uit in apathie. Trotse mensen hebben God niet nodig. Trotse mensen het geen ‘oren die horen’. Ze hebben weinig behoefte aan Gods Woord. O, ja, ze kunnen naar de kerk komen en alle ‘religieuze’ rituelen uitvoeren, maar ze voelen zich prima in staat om voor zichzelf te zorgen, dank u wel. Ze zien hun eigen zonde niet en hebben geen behoefte aan Zijn grenzeloze genade. “Iemand die verzadigd is, vertrapt honingzeem, maar voor een hongerige is al het bittere zoet” (Spr. 27:7). Nederigheid opent je hart voor het geestelijke voedsel in de Bijbel.

Deze waarheid werpt licht op onze verleidingen en mislukkingen. Omdat nederigheid zo belangrijk is, laat God onze inspanning om onszelf te leren kennen, mislukken. Heb je God weleens gevraagd je te bevrijden van een zonde, maar er kwam geen antwoord? God laat ons vaak sudderen in onze problemen om onze nederigheid te verdiepen. Onze nood aan nederigheid is soms groter dan onze nood aan verlossing. Dit was Paulus’ ervaring. Hij schreef: “En opdat ik mij niet zou verheffen, is mij een doorn in het vlees gegeven, een engel van de satan, om mij met vuisten te slaan, opdat ik mij niet zou verheffen. Hierover heb ik de Heere driemaal gesmeekt dat hij van mij weg zou gaan. Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht.” (2 Kor. 7:7-9) Als God de grote apostel op deze manier vernederde, hoeveel te meer jou en mij?

Deze waarheid verschaft inzicht in onze gevoelens van onvolkomenheid. Ik had verwacht dat ik een beter gevoel over mezelf zou krijgen als ik mijn problemen overwon en met de jaren in mijn geloof groeide. Het omgekeerde was echter waar: naarmate ik dichter bij God kwam ging ik me steeds zwakker en zondiger voelen. Ik heb geleerd dat dit een goed teken is. Jonathan Edwards schreef: ”Dit is wat genade en echte geestelijke verlichting doen: zij laten de huidige staat van de gelovigen zien om te beseffen hoe klein hun genade en goedheid is, en hoe groot hun mismaaktheid is.”5 John Berridge, de grote Engelse spreker uit de 18e eeuw, zei: “Hoe schoner het hart, des te gevoeliger we zijn voor de nog aanwezige tekortkomingen, net zoals we meer misnoegd zijn over een vlek op een nieuwe jas dan over 100 vlekken op een oude.”6 Als deze wijze mannen hun falen zo sterk aanvoelden, kan ik er moed uit putten dat dit de normale weg is, die onze Vader met ons gaat.
Dus broeders en zusters, verheug je. Het groeiende bewustzijn van onze zondigheid kan een teken zijn van groeiende nederigheid en ontluikende intimiteit.
In het jaar 55 schreef Paulus: ”Ik immers ben de minste van de apostelen – ik die het niet waard ben een apostel genoemd te worden” (1 Kor. 15:9). Zevenjaar later schreef hij: “Mij, de allerminste van alle heiligen…” (Efez. 3:8) Vijf jaar later, toen hij zich zijn dood voorbereidde, schreef hij aan Timotheüs: “Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaars zalig te maken, van wie ik de voornaamste ben.” (1 Tim. 1:15) Let op de neergaande beweging: van “de minste van alle apostelen” naar “de allerminste van alle heiligen” tot “de voornaamste van alle zondaars”. Elke heilige die groeit in nederigheid voelt hetzelfde. Een steeds sterker wordende gewaarwording van Gods liefde, genade en vreugde gaat hand in hand met dit gevoel van nederigheid.

Dit onderwijs heeft enorme gevolgen voor het ‘hoe’ van een bediening. Het doet ons er aan denken dat een fundamenteel doel van discipelschap er in bestaat mensen te helpen om nederig te worden. We onderwijzen de morele heerlijkheid van God, de zonde in de mens en de grootheid van Gods genade. Voor veel mensen is het doel van de bediening echter: een verhoogde eigenwaarde, en een zelfverzekerd, succesvol leven. Ze willen mensen gelukkig maken, niet nederig. We denken dat mensen een goed gevoel over zichzelf moeten hebben, meer dan een goed gevoel over God. Het is een hele uitdaging om broeders en zusters te helpen nederig te worden. God moet alles in ons afbreken. We moeten anderen helpen zodat de schellen van hun ogen vallen. Dat is hard werken. Het wekt tegenstand op, soms zelfs vervolging.
Maar het brengt ons tot het echte Christen-zijn. De nederige spreekt over de eisen van Gods wet, de zonde in de mens, en het oordeel dat we allemaal verdienen. Geen populaire boodschap. Niemand kan de liefde van God begrijpen voordat dit fundament is gelegd. Onze cultuur vertelt ons dat we worstelen met een laag zelfbeeld, maar de Bijbel zegt dat ons probleem een te hoog zelfbeeld is, omwille van verkeerde redenen. Davids schreef in Psalm 36: “De overtreding van de goddeloze spreekt binnen in mijn hart: ontzag voor God staat hem niet voor ogen. Want hij vleit zichzelf in zijn eigen ogen, tot men zijn ongerechtigheid vindt en haat” (Ps 36:2,3). Onze inspanningen in evangelisatie mislukken vaak omdat we ervan uitgaan dat mensen voelen dat ze God nodig hebben. Dat is zelden het geval. Gewoonlijk vleien we onszelf te veel om God nodig te hebben. Succesvolle evangelisten onderkennen dit.
Vakkundig laten ze de mensen hun overweldigende nood zien. Edward Payson, een groot prediker uit de 19de eeuw, schreef: “Om deze reden wijzen velen de Verlosser af. Ze komen niet tot Hem omdat ze niet voelen dat ze Hem nodig hebben. En ze voelen dat niet omdat ze blind zijn voor hun eigen zondigheid.7 Niemand heeft God nodig totdat hij vernederd is. God is alleen intiem met de Christen die grondig en vreugdevol vernederd is en zichzelf in het licht van God kan zien. Hoewel God evenveel houdt van iemand die arrogant is als van mij, zal Hij geen intieme relatie met hem aangaan voordat hij vernederd is.

Deze waarheid laat het gevaar zien van geestelijke gewoonten. Als er verborgen trots is over ons Bijbellezen, bidden en dienen, escaleert onze arrogantie en hebben we geen toegang tot God. Uiteindelijk worden de inspanningen om bij God te komen er de oorzaak van dat we niet bij Hem kunnen komen. Geestelijke gewoonten op zichzelf, bewerken geen intimiteit met God.

Groeien in Nederigheid
Hoe kan een oprechte gelovige groeien in nederigheid?

Geef toe dat je trots bent, ook al zie je het zelf niet. “Wie zou al zijn afdwalingen opmerken? Reinig mij van verborgen afdwalingen.” (Ps. 19:12) Belijd je trots zelfs als je die nog niet volledig ziet. Hiermee ben ik begonnen. Het is de eerste stap voor de meesten van ons. “Verneder u voor de Heere, en Hij zal u verhogen.” (Jak. 4:10)

Zoek kennis van God, want het kennen van God maakt je nederig. Door Zijn licht kunnen we onszelf zien (Ps. 36:9). We worden nederig als we naar God kijken, niet naar onszelf. Met dit in gedachten schreef Johannes Calvijn: “Bijna alle waarheid die we bezitten, dat wil zeggen, ware en solide wijsheid, bestaat uit twee delen: kennis van God en zelfkennis. De mens is nooit voldoende geraakt en aangedaan door zijn lage staat totdat hij zichzelf vergelijkt met de majesteit van God.”8 Elke Christen die Gods heerlijkheid mag zien, zal ook een duidelijk beeld van zichzelf krijgen. Probeer Hem te leren kennen in de oneindige schoonheid van zijn heiligheid. Ik ben een trotse man, ik zocht Hem en Hij was genadig. Hij zal ook jou genadig zijn. Bid om een geestelijke verlichting. Zonder Zijn hulp kan je God of jezelf niet zien. “Niemand kent de Zoon dan de Vader, en niemand kent de Vader dan de Zoon, en hij aan wie de Zoon het wil openbaren. Maar wordt bemoedigd, Hij laat zich makkelijk vinden.” (Matt. 11:27) “Als u Hem zoekt, zal Hij door u gevonden worden” (2Kron. 15:2)

Duik in het Woord van God. Zijn onthullende woorden zijn de geestelijke spiegel waarin we onszelf duidelijk kunnen zien. “Als iemand immers een hoorder van het Woord is en geen dader, lijkt hij op een man die het gezicht waarmee hij geboren is, in een spiegel bekijkt” (Jak. 1:23). Wat weerspiegelt de spiegel? Hij toont mijn dwaasheid in contrast met de wijsheid van God, mijn egoïsme in het licht van Gods liefde, mijn zwakheid tegenover Zijn kracht. Deze spiegel toont mijn nood aan nederigheid. Jesaja werd vernederd in het Licht van Christus’ heerlijkheid (Jes. 6:3; Joh. 12:41). Vanuit dit perspectief schreef hij de beroemde woorden: “Want zo zegt de Hoge en Verhevene, Die in de eeuwigheid woont en Wiens Naam heilig is: Ik woon in de hoge hemel en in het heilige, en bij de verbrijzelde en nederige van geest, om levend te maken de geest van de nederigen en om levend te maken het hart van de verbrijzelden” (Jesaja 57:15). God woont bij de nederige. Volg God en je zult de nederigheid vinden. Jaag naar nederigheid en je zult God vinden. Amen.

Eindnoten

  1. Jonathan Edwards, “Religious Affections,” uit de Works of Jonathan Edwards, deel 1 (Edinburgh: Banner of Truth, 1834 heruitgave 1984), 294.
  2. C. S. Lewis, Mere Christianity (New York: Macmillan, 1960), 109, 114.
  3. Zie Spr. 1:7; 14:2; 13:13; 2 Kron. 36:15-16; 1 Sam. 2:30; Matth. 6:24.
  4. Zie: Fil. 2:12,13; Ps. 2:11; Ps. 119:20; Mark. 5:33
  5. Edwards, 297.
  6. J. C. Ryle, Christian Leaders of the Eighteenth Century (Edinburgh, Banner of Truth, 1978), 246.
  7. The Works of Edward Payson, deel 2 (Harrisonburg, VA: Sprinkle Publications, 1988), 395.
  8. John Calvin, The Institutes of The Christian Religion, deel 1 Philadelphia, Westminster Press, 1960), 35.

Vertaald met toestemming van de Christian Counseling & Educational Foundation (CCEF) door Teo Kamp van het Centrum voor Pastorale Counseling v.z.w. De verantwoordelijkheid voor de vertaling berust uitsluitend bij de vertaler.
Copyright © 2021 van deze vertaling is van de Christian Counseling & Educational Foundation (CCEF). Het origineel artikel heeft als titel Finding Intimacy with God, (Journal of Biblical Counseling 23:2, 2005, p. 30-34.), Copyright © 2005, geschreven door William Farley. Alle inhoud is beschermd door copyright en mag zonder toestemming van CCEF op geen enkele wijze gereproduceerd worden. Voor meer informatie over klassen, materialen, spreekbeurten, afstandsonderwijs en andere diensten, neem a.u.b. contact op met www.ccef.org.
Translated in full with permission from the Christian Counseling & Educational Foundation (CCEF) by Teo Kamp of the Center for Pastoral Counseling (Belgium). Sole responsibility of the translation rests with the translator.

This translation, Copyright © 2021 by the Christian Counseling & Educational Foundation (CCEF). The original article entitled Finding Intimacy with God, (Journal of Biblical Counseling 23:2, 2005, p. 30-34.), Copyright © 2005 was prepared by William Farley. All content is protected by copyright and may not be reproduced in any manner without written permission from CCEF. For more information on classes, materials, speaking events, distance education, and other services, please visit www.ccef.org.